Helft passagiers ergert zich aan rijgedrag partner

De Belgen ergeren zich vaak aan het rijgedrag van hun partner. Dat blijkt uit een onderzoek van het instituut voor verkeersveiligheid Vias. Slechts 29 procent geeft aan zich nergens aan te ergeren. De grootste ergernis bij het rijgedrag van de partner blijkt te snel rijden te zijn (24 procent).

Vias bevroeg voor de enquête 1.000 mensen die in een relatie waren. Van hen zeiden ruim acht op de tien dat ze minstens een keer per week samen met hun partner in de auto zaten. Een op de acht is zelfs dagelijks met de wederhelft op de baan. Het is meestal de man die dan achter het stuur zit: bij 38 procent van de koppels rijdt de man altijd en bij 39 procent meestal. Bij slechts 18 procent rijden de man en de vrouw evenveel.

Grootste ergernissen
Samen in de auto zitten is bij veel stellen een bron van frustratie, zo blijkt. 71 procent zegt zich wel eens te ergeren aan het rijgedrag van zijn of haar partner. Te snel rijden (24 procent) en te traag rijden (22 procent) blijken de grootste ergernissen. Te voorzichtig rijden (17 procent), te agressief rijden (16 procent) en te dicht bij een voorligger rijden (16) vervolledigen de top vijf.

Splitsen we de bevindingen op, dan zien we een verschillend beeld wat mannen en vrouwen betreft. Mannen storen zich er het meest aan als hun partner te traag rijdt (22 procent) en geen richtingaanwijzer gebruikt (21 procent), en pas dan volgt te snel rijden (18 procent). Bij de vrouwen is te snel rijden (30 procent) een uitschieter, gevolgd door te voorzichtig rijden (22 procent) en te agressief rijden (21 procent).

Veel opmerkingen
Uit de studie blijkt dat 38 procent af en toe een opmerking over rijgedrag krijgt van zijn of haar partner. Ruim een op de acht bestuurders (13 procent) krijgt zelfs elke rit een opmerking te verwerken. In twee derde van de gevallen passen bestuurders hun rijgedrag na een opmerking aan.

Ondanks de ergernissen voelen de meeste Belgen zich veilig als ze meerijden met hun partner. Op een schaal van 0 tot 10 geeft 73 procent zijn of haar partner een score van 8 of hoger en slechts 6 procent een score van 5 of minder.